Test Actieve Signalering Quo Vadis en Hotbox: Vuurproef?

Weblog

Bas van Wijhe

Actieve signalering is het proces van het direct automatisch alarmeren van de Trein Dienst Leider (TDL) op het moment dat er in zijn gebied een trein over een Quo Vadis of Hotbox rijdt waarbij een alarmwaarde wordt overschreden op het gebied van Aslast, Piekbelasting (vierkante wielen), Scheve belading, Heet wiel en/of Hete as. Bij een alarmwaarde is er sprake van verhoogd ontsporingsrisico of risico op schade aan de infrastructuur of materieel (bijvoorbeeld een heet wiel:>375 graden Celsius met het risico dat het wiel gaat vervormen en dat de wielband van het wiel af kan lopen).

De TDL heeft hiervoor per systeem en alarm een procedure: gecontroleerd tot stilstand op een plaats waar het kan, of een directe beheerste stop. De actie wordt altijd uitgevoerd in overleg tussen TDL en machinist van de betreffende trein. De Feedbackloop met de vervoerder (wat was er aan de hand?) bij een alarm is ook onderdeel van het proces, maar niet van de test.  

Elk jaar gaan we op bezoek bij alle VL posten om de actieve signalering (1 van onze belangrijkste diensten) te testen:, live…. met rijdende treinen, de verkeersdienstleider en onze leverancier.

Afgelopen donderdag was VL post Zwolle aan de beurt, 1 van de grotere posten bekeken vanuit het aantal Quo Vadis en Hotbox systemen. Toevallig waren een aantal TDL’s in opleiding aanwezig, die gelijk de mogelijkheid kregen een actieve signalering live mee te maken.

Het testen gaat als volgt: Na kennismaking en uitleg aan de TDL, bepalen we samen een meetunit die we willen gaan testen op basis van treinenloop Onze leverancier zet dan de normwaarde(n) van dat specifieke systeem op hele lage waarden, zodat elk wiel/as een alarm genereert. Dan is het wachten op de eerstvolgende trein die er overheen rijdt. Als het alarm gaat (telefonisch, middels een bandje) voert de TDL de normale procedures uit, behalve het bellen naar de machinist uiteraard. Wij controleren ondertussen de details: Komt er een alarm binnen, zo ja: is het display op de telefoon OK, is het spoornummer OK, is de richting OK, wordt het juiste alarm vermeld, etc. Na akkoord door ons beiden zet de leverancier de waarden weer normaal, én checkt de waarden die de trein heeft gegenereerd… er zal maar net een trein langskomen met een echt alarm. Test gereed, volgende.    

Het testen op locatie doen we niet alleen voor het testen, maar ook om in contact te komen en blijven met onze ‘klanten’: de TDL’s. Heel veel waardevolle informatie wordt er uitgewisseld, waarbij we kunnen uitleggen aan alle aanwezige TDL’s  wat het systeem precies inhoudt, hoe het eruitziet, wat het doet en waarom en wat we nog meer doen met de data behalve alarmeren. Aan de andere kant krijgen we vanuit elke VL post bakken met waardevolle feedback ten aanzien van het proces rond Actieve Signalering: verbetervoorstellen mbt het bandje en display, TL gebieden, tekeningen, werkwijzen, treinnummers etc. In Zwolle bijvoorbeeld, kwam de vraag waarom HBD/QV alarmeringen niet in het actieve scenario van de TDL opleiding zitten, alla de Vuurproef in het spoorwegmuseum. Mooi, gaan we achteraan.

Uiteindelijk is onze ambitie om het aantal actieve signaleringen terug te brengen naar 0, dus als het aan ons ligt, krijgt een TDL niet zo vaak te maken met een Actieve signalering…

Mocht je meer informatie willen over actieve signalering, de feedbackloop, wat we doen met onze data of onze systemen: materieelimpact@prorail.nl, of loop even binnen op de Inktpot, C4.